| · |
Dit trainingsschema is gemaakt met behulp van: Trainingsschema marathon beginner maximaal 4 trainingen per week. Lees deze pagina ook even goed door. |
| |
|
| · |
De anaërobe loopsnelheid drempel is berekend na aanleiding van je 10 km tijd. |
| |
|
| · |
Voor een overzicht van de daarbij behorende duurlooptempo's en
hartslagwaarden zie: Duurlooptabel. |
| |
|
| · |
Bij de intervaltraining betekend het getal dat tussen haakjes staat de pauzetijd.
Het tempo (T:) tijdens deze training is een percentage van de anaërobe drempel. |
| |
|
| · |
De anaërobe drempel is ongeveer gelijk aan
220-leeftijd-15. Een andere methode is: 80 % (beginners) tot
90 % (gevorderden) van de maximale hartslag. |
| |
|
| · |
De haalbare streeftijd is gebaseerd op je huidige 10 km tijd. Voor meer informatie: Wedstrijd verwachtingen. |
| |
|
| · |
Lees ook Informatie trainingstabellen goed door. Vooral de
punten 1, 4 en 5 (als je 10 km tijd niet bekend is) zijn
belangrijk. |
| |
|
| · |
In de voorbeeld trainingsschema's staan na de
dag van de tempo 3 trainingen de rustige lange duurloop
gepland. Het voordeel is dat je de rustige duurtraining op
deze wijze inderdaad langzaam uitvoert, omdat de snelle
training van vorige dag nog in je benen zit. Een nadeel kan
zijn dat deze combinatie mogelijk te zwaar is. Wanneer dat
het geval is doe je de tempo 3 training iets minder
intensief. |
| |
|
| · |
Wanneer de wedstrijd niet in het weekend is vul je de laatste week zelf in.
Je kunt als voorbeeld zaterdag als de dag van de wedstrijd nemen. Doe het vooral rustig aan. |
| |
|
| · |
Er bestaan ook trainingsschema's voor beginners waarbij het aantal trainingen maximaal 3 per week is. Zie: Overzicht trainingsschema's. |