De simpelste methode om de anaėrobe drempel te bepalen is
door te luisteren naar je ademhaling: als je gaat hijgen dan zit
je rond de drempel. Veel betrouwbaarder is de Conconitest, een inspanningstest
waarbij stapsgewijs de loopsnelheid wordt verhoogd en de daarbij
behorende hartslag gemeten. Deze test gaat er
vanuit dat de hartslag lineair stijgt bij het verhogen van de
snelheid tot de anaėrobe drempel. Voorbij deze drempel gaat dit
lineaire verband verloren. Na afloop van de test wordt met behulp
van een hartslaggrafiek de drempel geschat.
Benodigdheden
Voor de uitvoering van de test is nodig: een 400m atletiekbaan,
een hartslagmeter en eventueel een helper die de tijden en de
daarbij behorende hartslag noteert.
Uitvoering
Doe een goede warming-up. Hierna begint de test. Het is de bedoeling dat je
iedere 200m ongeveer 2 ą 3 seconden sneller loopt. De beginsnelheid van de eerste 200m moet
in redelijk verhouding staan met de snelheid van de uiteindelijk te verwachten drempelsnelheid. Met andere woorden neem 12 tot 16
200m tijden zodat je in totaal zon 10 ą 12 minuten loopt. Zo beginnen
goede hardlopers de eerste 200m in 75
seconden, minder goede hardlopers starten met 60 seconden. Na elke 200m wordt de
looptijd over deze afstand en je hartslag genoteerd door
een helper.
Je blijft doorversnellen totdat je flink begint te hijgen: je
loopt dan boven de anaėrobe drempel.
Verwerking van gegevens
·
Bereken eerst wat je km/uur loopsnelheden zijn per 200m. De
formule hiervoor luidt: snelheid = 720/tijd.
·
Vervolgens ga je de gegevens uitwerken in een hartslag/snelheid
grafiek; trek een lijn door de punten.
·
De hartslag stijgt dus lineair tot de drempelsnelheid. Dit
betekent dat de knik in de curve het gezochte omslagpunt is!
Een duidelijk voorbeeld
Om het allemaal wat duidelijker te maken hierbij een voorbeeld
van iemand met een anaėrobe drempel van 182 en een daarbij
behorende loopsnelheid van 14.0 km/u. Zie ook na het rekentabel
de grafiek van Conconi.